De Wet van Ohm & Schakelingen

Introductie tot spanning, stroom, weerstand, serieschakelingen en parallelschakelingen.

Wat is elektriciteit?

  • Spanning (U) – de "druk" van elektronen (Volt, V)
  • Stroom (I) – hoeveel elektronen er bewegen (Ampère, A)
  • Weerstand (R) – hoe moeilijk het is voor elektronen om door te stromen (Ohm, Ω)

De Wet van Ohm

Formule: U = I × R

  • Spanning = Stroom × Weerstand
  • Herleidingen:
    • I = U / R
    • R = U / I

Voorbeeld: Wet van Ohm

Een weerstand van 10 Ω met een spanning van 5 V:

I = U / R = 5 / 10 = 0,5 A

Serieschakeling

  • Componenten achter elkaar aangesloten
  • Stroom: overal gelijk
  • Spanning: verdeelt zich over de weerstanden
  • Formule: Rtotaal = R₁ + R₂ + R₃ + ...

Voorbeeld: Serieschakeling

R₁ = 10 Ω, R₂ = 20 Ω, R₃ = 30 Ω

Rtotaal = 10 + 20 + 30 = 60 Ω

Parallelschakeling

  • Componenten naast elkaar aangesloten
  • Spanning: overal gelijk
  • Stroom: verdeelt zich over de takken
  • Formule: 1 / Rtotaal = 1 / R₁ + 1 / R₂ + 1 / R₃ + ...

Voorbeeld: Parallelschakeling

R₁ = 6 Ω, R₂ = 3 Ω

1 / Rtotaal = 1/6 + 1/3 = 1/6 + 2/6 = 3/6

Rtotaal = 2 Ω

Series vs Parallel

Serieschakeling Parallelschakeling
Stroom Gelijk in alle componenten Wordt verdeeld over de takken
Spanning Wordt verdeeld Overal gelijk
Rtotaal Rtotaal = R₁ + R₂ + ... 1/Rtotaal = 1/R₁ + 1/R₂ + ...

Oefening

Gegeven: U = 12 V, R₁ = 4 Ω, R₂ = 6 Ω in serie.

  • Bereken Rtotaal
  • Bereken I
  • Bereken U₁ en U₂

Samenvatting

  • Wet van Ohm: U = I × R
  • Serieschakeling: Rtotaal = R₁ + R₂ + ...
  • Parallelschakeling: 1/Rtotaal = 1/R₁ + 1/R₂ + ...
  • Spanning en stroom gedragen zich anders per type schakeling

Vragen?

Nu is het tijd om zelf te oefenen!